Hoe kunnen we op een duurzame manier zeewier en microalgen kweken die geschikt zijn voor voedseltoepassingen op de Europese markt? Dat wil zeggen: met consistente kwaliteit en een aantrekkelijk smakenpallet. Op die vraag willen 12 partners uit België, Nederland, Frankrijk en Groot-Brittannië in het nieuwe Interreg-2 zeeën project ValgOrize een antwoord formuleren. ILVO coördineert.

Zeewieren en microalgen kunnen een belangrijke rol spelen in het wereldvoedselvraagstuk, maar dat potentieel wordt momenteel amper benut in Europa. Zowel consumenten als voedselproducenten zijn terughoudend. De obstakels zijn gekend: gebrek aan kennis over de smaak van algen, gebrek aan betrouwbare aanvoer en gebrek aan kennis van wat de Europese consument lust.

Coördinator Johan Robbens (ILVO): “ValgOrize zal op al deze aspecten inspelen. Op die manier hopen wij de ontwikkeling van de algenketen in Europa te bevorderen.”

Algen kunnen een belangrijke rol spelen in het wereldvoedselvraagstuk

Om de groeiende bevolking te voeden moet de wereld tegen 2050 50 tot 70% meer voedsel produceren. Zo’n 70% van het aardoppervlak is bedekt met zout water, een nog grotendeels onbenutte hulpbron. Het potentieel van mariene voedselproductie is groot, dat beseft ook de Europese Commissie. Een High Level expertengroep riep onlangs op om hier meer prioriteit aan te geven, meer bepaald aan de duurzame kweek van mariene organismen zoals algen. Dat neemt immers geen ruimte in beslag en verbruikt geen zoetwater – beide schaarser wordende hulpbronnen. 

In 2015 werd wereldwijd 31 miljoen ton algen geproduceerd, vooral in Azië. Slechts 1% van de productie was afkomstig uit Europa. Het is duidelijk dat Europa stappen moet zetten om die achterstand in te halen. Niet alleen omwille van de potentiële waarde van de algenmarkt – naar schatting 6,6 miljard dollar – maar ook omdat de import van algen uit Azië niet altijd voldoet aan de Europese voedselveiligheidsnormen. Bovendien is wildpluk van algen in veel Europese landen toegestaan. Naar schatting werd vorig jaar 366 miljoen kg zeewier in de natuur geoogst zonder herplanting – een praktijk die moeilijk duurzaam te noemen is. De kwaliteit van de wildoogst voldoet daarenboven vaak niet aan de eisen van voedselproducenten.

Johan Robbens (ILVO): “Europa wil duurzame voedselproductie, voedselproducenten willen een consistente en betrouwbare aanvoer van grondstoffen en consumenten willen voedsel dat goed smaakt. Mits een betere kennis over de kweek en de smaak, passen algen perfect in dat plaatje.”

Maar… hoe smaken algen?

Wereldwijd wordt ongeveer 90% van de algen gebruikt voor voedseltoepassingen. In Europa is dat slechts 9%. Algen bevatten nochtans veel essentiële componenten zoals eiwitten, aminozuren, vetzuren en koolhydraten. Ze kunnen vers gegeten worden in een salade of gedroogd verwerkt worden als ingrediënt. Maar in Europa is dat niet gebruikelijk. Algen worden hier niet geassocieerd met voedsel maar met biobrandstoffen en voeder. Over de smaak, textuur, kleur en het aroma van algen is bovendien nog maar weinig gekend. Ook dat staat het gebruik van algen als voeding in de weg. Daarom zullen de projectpartners van ValgOrize in de komende drie jaar het smaakprofiel van populaire soorten zeewier en microalgen analyseren en karakteriseren. ILVO zal daarvoor een smaakpanel opleiden.

Geert van Royen (ILVO): “Dat panel wordt getraind om verschillende smaken en geuren te onderscheiden in verschillende intensiteiten. Uiteindelijk zal het zowel algenpoeders als afgewerkte algenproducten profileren én karakteriseren.”

Kan de smaak geoptimaliseerd worden?

De partners zullen bovendien onderzoeken welke factoren invloed uitoefenen op het smaakprofiel. Welke rol spelen bepaalde algenstoffen zoals aminozuren, polysachariden, vluchtige verbindingen en pigmenten in kleur, geur, smaak of het mondgevoel? En kunnen die factoren tijdens de kweek beïnvloed worden, zodat ook de smaak geoptimaliseerd kan worden? Er zal bv. gekeken worden naar het effect van turbulentie, licht en nutriënten in het kweekwater. Daarbij zullen de partners vooral focussen op maatregelen die effectief haalbaar zijn in de praktijk.

Voedselveilig en duurzaam?

Naast de smaakparameters zullen de projectpartners van ValgOrize de chemische en microbiële veiligheid en de nutritionele samenstelling van zeewieren en algen onderzoeken. Ze zullen bovendien testen hoe algen op een duurzame en kostenefficiënte manier gekweekt, geoogst, verwerkt, getransporteerd en voor langere tijd bewaard kunnen worden, zonder in te boeten aan kwaliteit. Om de algemene duurzaamheid van de hele productieketen te evalueren zal een scoring systeem ontwikkeld worden.

Zero waste: ook voederproeven

De voornaamste focus van de projectpartners ligt op de valorisatie van algen voor voeding. Daarnaast wordt ook gekeken naar mogelijke toepassingen voor voeder. Eventuele algenreststromen van de voedingsindustrie kunnen op die manier gerecupereerd worden. ILVO zal concreet verantwoordelijk zijn voor het uitvoeren van prestatieproeven bij leghennen en vleeskippen.

Marta Lourenço (ILVO): “We zullen nagaan of het toevoegen van algen in kippenvoeder invloed heeft op de groei van de kippen en op de kwaliteit van het vlees en de eieren.”

Verwachte output: een open kennisplatform, twee demo-productiesites en een ‘investor roadmap’

De expertise van de projectpartners wordt gebundeld in een open kennisplatform. Dat platform moet inzicht verschaffen in de mogelijkheden van lokale kweek, verwerking en opschaling. Daarnaast worden minstens twee demo-productiesites opgesteld: eentje voor zeewier en eentje voor micro-algen. Een haalbaarheidsstudie en marktonderzoek wordt vertaald in een roadmap voor investeerders: hoeveel geld is nodig om de algenproductie op te schalen van pre-commerciële fase (de demo’s) naar commerciële fase?

Elke zes maanden komt het consortium samen om de projectvorderingen te bespreken en om terug te koppelen naar geïnteresseerde stakeholders. Johan Robbens (ILVO): “Door hen van bij het begin bij het project te betrekken, hopen we de marktacceptatie van algen te bevorderen, investerings-bereidheid te creëren en uiteindelijk de ontwikkeling van de Europese algensector te stimuleren.”

Over het project

ValgOrize werd officieel gelanceerd in februari 2019 tijdens een stakeholdermeeting in Oostende en zal lopen tot eind 2021. De afsluitende stakeholdermeeting zal plaatsvinden in Nederland.

In totaal zijn 12 projectpartners betrokken, zowel bedrijven als kennisinstellingen. De Vlaamse partners zijn ILVO (coördinator) en VITO. Nederlandse partners zijn NIOZ, HZ University of Applied Sciences, Stichting Noordzeeboerderij, Zeewaar B.V. en Texel Saline B.V. Franse partners zijn ULCO, Université de Lille en Nausicaá. Engelse partners tot slot zijn University of Greenwich en Marine Biological Association.

De 11 observer partners zijn Flanders’ FOOD, Aquimer, POM West-Vlaanderen, Unilever, De Blauwe Cluster, Koninklijke Euroma, Provincie Zeeland, WWF, European Biogas Association, Rijkswaterstaat and Provincie Noord-Holland.  

Dit project is gesubsidieerd door het Interreg 2 Zeeën-programma 2014-2020, gecofinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling in het kader van subsidiecontract nr. 2S05-17.

Contact

Nele Jacobs, perscommunicatie (ILVO), +32472530696, nele.jacobs@ilvo.vlaanderen.be

Johan Robbens, inhoudelijke coördinatie (ILVO), johan.robbens@ilvo.vlaanderen.be